Hoe rouwen kinderen

Stil verdriet

hoeft niet...

Rouwen bij kinderen krijgt een plaats op school.

 

Website ter ondersteuning van leerkrachten en begeleiders die geconfronteerd worden met rouwen bij kinderen.

Hoe kinderen omgaan met de dood

 

 

1

Kinderen van 3 tot 5 jaar

Kleuters maken geleidelijk aan het onderscheid tussen leven en dood. Ze zien het verschil tussen wat levend en dood is, maar het definitieve karakter van de dood is voor hen nog moeilijk te begrijpen. ‘Voor altijd’ en ‘nooit meer’ zijn begrippen die kinderen op die leeftijd nog niet kunnen vatten. Ze zien de dood meer als een soort slaap en gebruiken het woord dood ook vaak in hun spel. Angst voor de dood hebben zij nog niet.

Kleuters tonen een grote belangstelling voor het lichamelijke proces van het sterven en de dood: ‘Zal oma nog iets horen als ik tegen haar praat?’

 

Kinderen rouwen anders dan volwassenen.

Ze reageren op een manier dat eigen is aan henzelf, hun leeftijd en hun mogelijkheden.

 

2

3

Kinderen van 6 tot 9 jaar

 

Vanaf 6 jaar beginnen kinderen te beseffen dat de dood onomkeerbaar en definitief is. Iemand die sterft, komt niet meer

 

terug. Ze weten dat iedereen kan sterven en dat zij ook kunnen sterven. Hierdoor wordt de dood een beangstigend iets.

 

Dat en het niet weten wat de dood juist inhoudt, maakt kinderen van deze leeftijd kwetsbaar. Deze leeftijd kenmerkt zich

 

ook door een levendige fantasie. Ze kunnen vragen stellen over de dood die volwassenen kunnen afschrikken.

 

Het is belangrijk om zeer concreet uit te leggen wat dood zijn betekent.

 

Kinderen van 10 tot 12 jaar

 

Vanaf deze leeftijd kunnen kinderen inzien dat het leven en de dood met elkaar verbonden zijn. Ze weten dat ze ooit ook dood

 

zullen gaan, maar pas wanneer ze oud zijn. De dood wordt erkend als deel van het leven, de laatste levensfase in de

 

ontwikkeling van de mens.